|
Voorbereiding
van de grond
Nogmaals:
essentieel voor het slagen van de bloemenweide is de uitgangssituatie.
Alle tijd, aandacht en kosten, die vooral in de voorbereidingsfase aan de aanleg
wordt gegeven is te beschouwen als een diepte-investering, en die wordt op den
duur ruimschoots vergoed door jarenlang minder intensief onderhoud, en een
hoogwaardige begroeiing. Ons streven moet allereerst gericht zijn op het
verkrijgen van een langzame ontwikkeling, een open zode, en een
zoveel mogelijk ongestoord milieu. Verstoring van de bodem zal al snel
tot verruiging en grasontwikkeling gaan leiden.
Bij
aanleg van een gazon worden door mesten en regelmatig maaien de grassen tot een
snelle groei en breed uitstoelen gestimuleerd. Voor een bloemenweide heeft
grasontwikkeling veeleer een remmende invloed. Het liefst scheppen we een
situatie, waarbij in het eerste seizoen niet of nauwelijks hoeft te worden
gemaaid.
Het
spreekt vanzelf, dat dit op een schrale ondergrond aanzienlijk makkelijker zal
zijn dan bij een voedselrijk substraat. Als we arm zand aanbrengen is het, om
nodeloze complicaties in een later stadium te vermijden, zeer belangrijk dat we
geen afvalzand geleverd krijgen, en dat het zand geen lastige wortelonkruiden
bevat. Kweek kan tot dertig jaar blijven hangen, Paardestaarten zijn ongemeen
hardnekkig, Klein hoefblad ontneemt door z'n blad jarenlang de
concurrentiekracht aan fijnere soorten, etc.
Mochten
zich dus dergelijke wortelonkruiden in de grond bevinden, dan verwijderen we die
zorgvuldig vóór van inzaaien sprake is. Bij kleinere stukjes gebeurt
dit met hand, vork en eventueel schoffel; bij grotere oppervlakten door
bijvoorbeeld een zomerlang regelmatig met schijfeg of cultivator te werken (Niet
met een frees. Deze vermeerdert slechts het aantal wortelstekken en kan, bijv.
bij venige grond, tot dichtslibben leiden). In de regel zal deze behandeling om
de drie, vier weken moeten worden herhaald; we moeten voorkomen dat de planten
aan de groei komen. Tegelijkertijd zal hierbij een groot deel van de aanwezige
zaadonkruiden worden opgeruimd.
Is
in de grond alleen een teveel aan zaadonkruiden aanwezig, dan wordt - volgens
een zelfde regelmaat - enkele malen geschoffeld, waarbij wordt voorkomen dat
opgekomen onkruiden zich kunnen uitzaaien. Door deze misschien op het eerste gezicht wat intensief lijkende voorbehandeling trachten we zo veel mogelijk te voorkomen, dat de begroeiing na de inzaai en tijdens de ontwikkeling in het eerste seizoen moet worden betreden of door zware werktuigen wordt verstoord. Naarmate er minder onkruiden in de grond voorkomen en de bodem schraler is, zal dit beter slagen!
Om
dezelfde reden gebruiken we uiteraard geen compost, kunstmest of i.d. om een
'snelle aanzet' te krijgen; met nadruk wordt de voorkeur gegeven aan een
geleidelijke, als het moet langzame ontwikkeling. Als in een droge zomer het
kiemen te wensen overlaat wordt dat door een regenrijke periode in het volgend
jaar wel weer rechtgetrokken. Geduld en denken over langere termijn zijn
bij de aanleg van bloemrijk grasland een allereerste voorwaarde. Afhankelijk van
grondsoort, wisselend vochtgehalte en temperatuur kan het voorkomen, dat
bepaalde soorten pas in het derde of vierde jaar tot kieming komen. Copyright © 2004 De Morgenster - zaden
|
Copyright © 2004-2012 De Morgenster-zaden
|